Lerarengilde geeft raad …!

Een community speciaal voor startende leraren (PO, VO en MBO)! Er is door Digischool samen met SBL een nieuwe community opgericht.

Leraren met veertig jaar onderwijservaring geven startende leraren advies over alles wat met onderwijs te maken heeft.
Ben jij een startende leraar en kun je wel wat tips of advies gebruiken?
Word lid van de community Lerarengilde – Direct online advies!

[Bron: http://wp.digischool.nl/docentvo/2010/05/30/beginnende-docenten/ ]

Ook het geven van tips is natuurlijk erg nuttig wanneer u een ervaren docent(e) bent.

Advertenties

3Doc: Over de streep

Hoe goed kent u uw leerlingen? Hoe goed kennen uw leerlingen elkaar. Ieder mens heeft vooroordelen. Om deze vooroordelen te bestrijden heeft men in de V.S. de ‘Challenge Day’ bedacht. Jessica Villerius heeft hierover een documentaire gemaakt die zeer de moeite waard is. Een beschrijving treft u hieronder aan:

Documentaire van Jessica Villerius over de belevingswereld van scholieren op de middelbare school. Voor deze film gingen vijfenzeventig leerlingen van het Amsterdamse IJburgcollege een bijzondere uitdaging aan: Challenge Day. Een grensverleggende methode uit Amerika, die onder andere wordt ingezet om pesten op scholen tegen te gaan en wederzijds respect te stimuleren. Door spelletjes af te wisselen met serieuze gesprekken, worden leerlingen uitgedaagd om verborgen gevoelens naar elkaar uit te spreken. Centrale vraag: wat weten we nu eigenlijk van elkaar? Vrij weinig, is de constatering. Leerlingen durven tijdens Challenge Day emoties en ervaringen met hun medescholieren te delen, waar ze nog nooit met iemand over hebben gesproken. Niet gemakkelijk, maar ze merken al snel dat ze niet alleen staan. Niet meer. Veel indruk maakt het onderdeel waarbij alle leerlingen zich verzamelen aan één kant van een witte lijn, waarna ze worden geconfronteerd met soms indringende vragen. In antwoord op deze vragen blijven leerlingen staan, of stappen over de streep. ‘Toen werd gevraagd over de streep te stappen als je een ouder hebt verloren, staken er acht kinderen over’, vertelt de maakster. ‘Aan de overkant van de lijn waren ze ineens niet meer elkaars pestkop, maar lotgenoot. Het is onbeschrijfelijk om te zien hoe je door zoiets simpels als het trekken van een streep het leven van een kind kunt veranderen.’ Challenge Day houdt jongeren een spiegel voor, schudt ze wakker en creëert onderling begrip. Maar vooral inspireert de methode tot positieve verandering, beginnend bij jezelf. Het respect is dan ook groot wanneer aan het eind van dag op het IJburgcollege een leerling opstaat, de microfoon grijpt en zegt: ‘Ik wil graag mijn excuses aanbieden. Ik besef nu pas wat het effect is van mijn gepest en getreiter. Ik stop er vandaag mee.’ De drie leerlingen die al jarenlang mikpunt zijn van zijn getreiter, staan op en omhelzen hun pestkop.

U kunt de documentaire hier online bekijken. Een echte aanrader.

Mouse Mischief in de praktijk: luistervaardigheid

Afgelopen woensdag heb ik Mouse Mischief voor het eerst uitgeprobeerd in een lessituatie, namelijk in VWO 5 bij het trainen van luistervaardigheid. Toen ik in het lokaal aan kwam werd ik even onaangenaam verrast omdat  de opstelling in de klas nog gelijk was aan de examensituatie, zoals die de dag ervoor heeft plaatsgevonden. De tussenwand was verdwenen en ik had zicht op een grote lege ruimte. Na gecontroleerd te hebben of er niemand in het aaneengesloten lokaal bevond (en dit was gelukkig niet het geval) heb ik alles klaargezet. Omdat ik eerst de toets nog moest bespreken met de leerlingen, heb ik besloten om de muizen niet meteen klaar te  zetten. Achteraf bezien had ik dat beter wel kunnen doen.  Een aantal muizen bleef hangen en ik vergat om ze te activeren door ze in het vak te zetten en te activeren, waardoor niet alle muizen het deden. Ook een muismat is geen overbodige luxe. Ik heb dit probleem opgelost door de uiteindelijke keuze te laten maken in groepjes van 4 leerlingen.

Voordat we met de daadwerkelijke toets gingen beginnen, heb ik eerst de al eerder gemaakte vragen (6 stuks) nagekeken. Daarna heb ik de leerlingen een nummer gegeven (er waren 17 leerlingen) van 1 tot en met 8 en moesten leerlingen met hetzelfde nummer naast elkaar gaan zitten op een door mij aangewezen plek. Ik heb toen aan elk tweetal een muis gegeven en deze ter plekke aangezet. (Er was één groepje van 3 leerlingen) Vervolgens heb ik leerlingen de eerste vraag laten lezen (vraag 7) (Alle vragen en instructie vindt u in de bovenstaande presentatie). De opdracht die daarbij hoorde: lees de vraag, beluister het fragment en noteer de woorden waaraan je het antwoord op de vraag kunt horen. Het antwoord mag zowel in het Frans als in het Nederlands gegeven worden. Iedere leerling moest dat voor zich doen. Vervolgens moesten leerlingen in tweetallen vertellen wat ze hadden opgeschreven en een antwoord formuleren. Toen ze dat hadden heb ik de vraag en de daarbij behorende antwoorden gegeven. Leerlingen moesten in tweetallen bepalen wat het goede antwoord was. Wanneer ze het antwoord bepaald hadden, moesten ze in groepjes van 4 een gezamenlijk antwoord bepalen. Daarna kwam de Mouse Mischief dia met de 3 antwoordmogelijkheden te voorschijn en moesten de leerlingen als viertal het goede antwoord kiezen. Zoals ik zei verliep het niet helemaal vlekkeloos, maar ik denk dat ik het aardig heb opgelost. Volgende keer van tevoren alles klaarzetten en ook de tafels in groepjes.

Na deze vraag (vraag 7) volgenden nog 3 vragen achter elkaar en moesten de leerlingen op dezelfde wijze werken als bij vraag 7: zelf aantekeningen maken, overleggen over het antwoord met de buurman / buurvrouw, na de 3 vragen ontvingen ze de mogelijkheden en moesten ze eerst in tweetallen en vervolgens in groepjes van 4 een definitieve keuze maken. Ik had als variatie nog graag een keer de resultaten van de groepjes laten vergelijken, maar kwam daar vanwege tijdgebrek niet aan toe. Het stencil met de vragen treft u hieronder aan.

Conclusie: ik vond het allemaal heel redelijk gaan. Wel jammer dat niet alle muizen het deden, dat veroorzaakt toch wat onrust, maar dat had ik kunnen voorkomen door ze eerst klaar te zetten. Ik wil Mouse Mischief ook zeker gaan gebruiken bij het op deze manier laten werken aan een eindexamentekst.

Mouse Mischief gebruiken bij luistervaardigheid

Mousemischief: opstelling voor in de les

In een eerder bericht heb ik erop gewezen dat Mouse Mischief nu in een definitieve versie gratis gedownload kan worden. Mouse Mischief is een add-on voor Powerpoint, die het mogelijk maakt om met meerdere muizen tegelijkertijd te werken op één PC. Onlangs heb ik mijn draadloze muizen uit Hong Kong ontvangen en ik heb nu een definitieve opzet kunnen maken, die ik graag met u wil delen. Ook wil ik u een aantal praktische tips geven bij het gebruik van Mouse Mischief in de les. Laat ik daar maar eens mee beginnen:

  • 1. Zorg ervoor dat u 2,4 GHZ muizen minimaal een bereik hebben van 10 meter. Zelf heb ik muizen gekocht via Deal Extreme. (De prijzen zijn in $ en bij bulk krijgt u ook nog korting. Hoewel de euro aan het dalen is, nog steeds aantrekkelijk.)
  • 2. Koop muizen met een aan/uit knop.
  • 3. Koop muizen met 2 x 1 AAA batterij. Deze gaan langer mee dan 1 x AA batterij. (De keuze is natuurlijk aan u.) Ik heb 9 muizen ontvangen met 2 x AAA en 1 met 1 x AA. Bij de muis met 1 x AA is de batterij lastiger te verwijderen. Wel beschikt deze muis eveneens over een aan/uit knop.
  • 4. Nummer uw muizen: in de boekhandel zijn handige stickervellen te koop met cijfers een letters.(U kunt ook een witte watervaste stift gebruiken, maar dat ziet er natuurlijk niet zo mooi uit.)
  • 5. Nummer de ontvanger van elke muis op dezelfde wijze. Bij problemen heeft u meteen door welke muis het niet doet. (Geef ook de USB hub een naam, bijvoorbeeld de kleur van de muizen.)
  • 6. Laat leerlingen een muismat, blaadje, schrift, boek onder hun muis leggen. Ik dacht eerst dat een aantal muizen die ik had ontvangen het niet deden en ik heb toen van alles geprobeerd. Ontvanger eruit en erin stoppen, batterijen er opnieuw instoppen. Het probleem bleek eigenlijk telkens dat er geen muismat onder de muis lag. Toen ik een muismat heb gebruikt deden alle muizen het.
  • 7. Zet de muizen zelf aan: eerst je eigen muis en dan één voor één de andere muizen zodat je meteen kunt constateren of er problemen zijn.
  • 8. Sluit na het aanzetten van uw laptop de 10 poorts USB hub aan. Er wordt naar stuurprogramma’s gezocht. Wacht tot alle stuurprogramma’s geladen zijn. Het kan zijn dat u hier een internetverbinding voor nodig heeft. Houd daar rekening mee of test het uit. (Neem dus ook een UTP kabel mee in uw box.)
  • 9. Start pas na het aansluiten van de USB-hub uw Mouse Mischief powerpoint presentatie.
  • 10. Zorg ervoor dat u een hub heeft met aparte voeding (Sweex 10 poorts HUB USB 2.0) anders onttrekt hij alle energie aan uw laptop.
  • 11. Zorg ervoor dat u reservebatterijen bij u heeft.
  • 12. Bij de Praxis kunt u isolatiemateriaal kopen om de muizen veilig te transporteren.
  • 13. Zorg voor een stekkerdoos, voor het aansluiten van alle hubs.
  • 14. Zorg ervoor dat u Powerpoint 2007 of 2010 gebruikt en sla uw presentatie op als pptx.

Bekijk de onderstaande demonstratie-video (gemaakt met de Flip Mino op statief):

Mousemischief opstelling

Een aantal screenshots van de opstelling treft u hieronder aan:

Welke activerende werkvormen gebruikt u in de klas?

In een eerdere bijdrage heb ik gesproken hoe je activerende werkvormen kunt toepassen op het oefenen van eindexamenteksten. In een volgende bijdrage heb ik verwezen naar een drietal artikelen over Activerende Didactiek Samenwerkend Leren (ADSL). Ik wil graag nog een voorbeeld geven van activerende didactiek die u kunt toepassen bij het bespreken van een toets. We kennen allemaal wel de frustratie van het bespreken van een toets: leerlingen zijn alleen maar geïnteresseerd in hun cijfer, ze ‘zeuren’ over fouten gemaakt door de docent etc. Hoe kunt u deze situatie nu ombuigen? Door gebruik te maken van het feit dat leerlingen graag werken voor een cijfer. Het is een werkvorm die ik in de onderbouw wel eens heb toegepast:

  • Stap 1: Alle leerlingen krijgen hun toets terug en de daarbij behorende opgaven.
  • Stap 2: Leerlingen mogen alleen een potlood op de bank hebben.
  • Stap 3: Leerlingen mogen hun boeken en aantekeningen gebruiken bij het alléén en in stilte verbeteren van hun fouten.
  • Stap 4: U stelt ook nog een aantal vragen over hoe de leerlingen hun toets hebben geleerd en aan welke onderdelen ze de volgende keer meer aandacht moeten besteden.
  • Stap 5: Wanneer leerlingen klaar zijn leveren ze de toets bij u in en gaan ze zelfstandig aan het werk.
  • Stap 6: U controleert snel de verbeterde fouten en wanneer leerlingen dat voor het grootste gedeelte goed hebben gedaan (als ze overleggen met hun buurman of buurvrouw zijn ze ‘af’.) dan worden ze daarvoor beloond met 0,3 bovenop hun cijfer.

In de bovenbouw pak ik het iets anders aan:

Leerlingen maken een tabel met daarin:

Onderdeel – Maximale score (hier zet u het aantal maximaal te behalen punten neer) –  Behaalde score en ze vullen het schema in. Zo zien ze voor een herkansing ook waar ze punten hebben laten liggen en welke onderdelen zwaar mee tellen. Alle opmerkingen zetten ze op de achterkant van hun toets. Dit om gezeur over cijfers in de klas te voorkomen. Ik kijk na teruggave altijd snel of er opmerkingen zijn en indien een leerling gelijk heeft, dan pas ik het cijfer natuurlijk aan.

Vraag: Welke activerende werkvormen gebruikt u in de klas? Laat hieronder aan reactie achter.

Activerende didactiek: 3 artikelen

Afgelopen woensdag ben ik samen met 2 collega’s naar een conferentie van het CPS geweest over leesvaardigheid. In de laatste workshopronde liet Carel van der Burg zien hoe je activerende werkvormen kunt gebruiken om eindexamens te trainen. Deze activerende werkvormen zijn voor alle vakken en voor verschillende vaardigheden te gebruiken. Carel was zo aardig om mij drie door hem geschreven artikelen toe te sturen die ik hier mag plaatsen. Ik raad u aan alle drie de artikelen door te lezen. Doe er uw voordeel mee.

ADSL Artikel 1 12 tot 18 februari 2009
ADSL Artikel 2 12 tot 18 2009
ADSL Artikel 3 12 tot 18 2009

Verslag Conferentie CPS: Leesvaardigheid MVT en het ERK

Gisteren heb ik met twee collega’s (Anne-Marie en Gerard) een conferentie van het CPS bijgewoond in Amersfoort, met als thema: ‘Leesvaardigheid MVT en het ERK’. Na een reis zonder al te veel problemen kwamen we iets te vroeg aan, maar dat had tenminste als voordeel dat alle plaatsen nog vrij waren. Na een korte opening door de dagvoorzitter Judith Richters, kwam professor Gerard Westhoff aan het woord over leesvaardigheid en het Europees Referentiekader. Hij legde kort uit wat het ERK is en dat er voor verschillende beroepen verschillende profielen kunnen worden opgesteld (aan een baliemedewerker worden andere eisen gesteld dan aan een secretaresse.) De kern van zijn betoog kwam op het volgende neer:

Meten en mesten zijn twee verschillende dingen.

Een zonnebloem wordt niet groter doordat hij elke dag gemeten wordt.

Hij doelt daarmee op de toetscultuur die op veel scholen heerst. Hij merkte op dat toetsen absoluut noodzakelijk is, maar dat een zonnebloem mest nodig heeft in de vorm van: vocabulaire (dit hoeft niet per se in zinsverband geleerd te worden blijkt uit onderzoek.), kennis over hoe een tekst in elkaar zit, kilometers maken en kennis bewust inzetten (strategiegebruik). Dit is iets om ook in mijn eigen lesgeven bij stil te staan. Hij wees erop dat kilometers maken erg belangrijk is en hij maakte daarbij de vergelijking met de Puy de Dôme die door leerlingen beklommen moet worden. De beste weg is door de weg rondom de berg te volgen en zo geleidelijk aan de berg te beklimmen. Docenten hebben nogal eens de neiging om tegen leerlingen te zeggen: “Fiets op de rug en in één keer omhoog klimmen.”

Vervolgens kwamen Noud van Zuylen en Yvette Golstein van het Cito aan het woord, maar bij deze presentatie kwam voor mij niet veel nieuws aan bod.

Na een korte koffiepauze heb ik de presentatie bijgewoond van Maartje Visser en Trees Haaksma van het CPS met als onderwerp: “Leerlijn leesvaardigheid en leesstrategieën”. Dit was een zeer interessante bijeenkomst. Zij liet onder meer zien dat lezen een actief proces is waarin een lezer betekenis verleent aan tekst door kennis erop toe te passen. Dit kan zijn taalkennis (van woord- naar zins- naar tekstbegrip) of niet-talige kennis (kennis van de wereld). Niet-talige kennis kunnen leerlingen onder andere opdoen door bijvoorbeeld naar het journaal te kijken of door een krant te lezen. Eigenlijk vindt telkens hetzelfde proces plaats: taalkennis en niet-taalkennis activeren – verwachting – voorspelling doen – voorspelling eventueel bijstellen. Bij lezen moet de nadruk liggen op een drietal zaken:

1. Woordkennis: hoe meer woorden je kent hoe beter het leerresultaat.
2. Leeskilometers maken: veel lezen. (beter veel korte tekstjes dan één lange.)
3. Strategieëntraining

Een interessant feit dat ze noemde is dat woorden leren door lezen alleen werkt als 95% van de woorden al bekend is. Dit liet ze zien door telkens een tekst aan te bieden met een bepaald percentage ontbrekende woorden. Een ander opmerkelijk feit: het leren van woordjes is zinsverband is niet beter dan het leren van losse woordjes, blijkt uit onderzoek.

Na de lunch vond tenslotte de laatste workshopronde plaats. Deze workshop werd gegeven voor Carel van den Burg van het CPS en deze droeg als titel: “Examentraining (verschillende activerende werkvormen bij intensief lezen)”.

Er werden groepjes gemaakt van 4 docenten. De bedoeling was dat docenten die dezelfde taal geven bij elkaar gingen zitten. Er waren docenten Frans, Duits en Engels. De docenten moesten zich eerst even aan elkaar voorstellen. Daarna moesten zij aangeven hoe zij leesvaardigheid aanpakken in hun les en hiervan moest na zo’n 20 minuten verslag worden uitgebracht. Daarbij moesten dan zaken die voor iedereen interessant kunnen zijn eruit gelicht worden. Ik wil er één werkvorm even uitlichten. Een mevrouw vertelde dat ze bij een eindexamen met meerkeuzevragen de antwoorden weghaalde en dat zij dan de leerlingen antwoorden liet bedenken op de vragen. Nadat de leerlingen deze antwoorden in groepjes hadden bedacht konden deze worden vergeleken met de ‘oorspronkelijke’ antwoorden en dan kon alsnog een keuze worden gemaakt. Het mooie van deze werkvorm is dat deze ook bij bijvoorbeeld luistervaardigheid kan worden toegepast, daarom licht ik deze er even uit.

Een aantal dingen die Carel opvallen bij Examen ‘training’ zijn:

  • Het is meestal gericht op het CSE
  • Het begint enkele weken / maanden voor het CSE
  • Alle examenvakken starten er ongeveer gelijk mee
  • Het bestaat uit het individueel maken van examen van vorig jaar
  • Het wordt klassikaal besproken of nagekeken met nakijkbladen
  • Het is voor leerlingen die goed zijn in het vak vaak een ‘crime’
  • Het is voor leerlingen die slecht zijn in het vak telkens een bevestiging hiervan
  • Iedereen moet tegelijk hetzelfde kunstje doen

Als ik die punten zo bekijk, moet ik zeggen dat ik me hier wel in kan vinden en dat ik zelf ook zoekende ben naar meer activerende werkvormen. Gelukkig kwamen deze in deze workshop ruimschoots aan bod.

Vervolgens moesten de docenten aan een examen werken. Belangrijk was dat zij niet een examen namen van het eigen vak, maar van een andere taal. Dit was vooral bedoeld om te voelen wat een leerling voelt, wanneer hij met een vreemde taal bezig is. Ook het niveau was pittig: het was namelijk het eindexamen Engels (Duits of Frans) VWO van 2009. Telkens kwam bij een tekst een activerende werkvorm aan bod. Ik licht er even één werkvorm uit:

Tekst 1
Duo’s Tijd: maximaal [5′]

  1. Iedere leerling maakt individueel de vragen bij tekst 1;
  2. Vergelijk daarna je antwoorden met een leerling uit je team (een andere groep, rij met hezelfde examen);
  3. Kom bij verschillen tot een overeenstemming;
  4. Wanneer jullie het niet eens worden of het gewoon niet weten
  • a) vraag dan bij leerlingen die het wel weten om uitleg
    of
  • b) draag deze voor om klassikaal te bespreken

Bij de instructie zijn een aantal zaken belangrijk:

  1. Wat moet de leerling doen?
  2. Hoe moet de leerling het doen?
  3. Hoe lang heeft de leerling de tijd?
  4. Welke hulp kan de leerling krijgen?
  5. Wat wordt er gedaan met de opbrengst/beoordelingscriteria?
  6. Wat moet de leerling doen wanneer het werk af is?

Er kwamen in totaal 8 activerende werkvormen aan bod. Ik vond het een heel inspirerende workshop en al met al een zeer geslaagde dag.

Carel heeft ook een boek geschreven over activerende werkvormen: Basisboek activerende didactiek en samenwerkend leren. Het is te bestellen bij het CPS, maar ook bij bol.com. Activerende didactiek en samenwerkend leren (ADSL) is een verzamelnaam voor werkvormen waarbij leerlingen (en docenten en schoolleiders) op een gevarieerde en actieve manier werken en leren. Ik wil meer
van deze werkvormen gaan gebruiken, want ik moet eerlijk toegeven dat ik leerlingen niet zo vaak in groepjes laat werken, behalve dan bij spreekvaardigheid. Ik ga dit doen in combinatie met Mouse Mischief, waarover ik zeer binnenkort zal berichten, omdat ik nu mijn 10 draadloze muizen uit Hong Kong binnen heb 😉