Categorie archief: literatuur

Le Petit Prince animé

Na lange tijd weer eens een bericht. In de vakantie houd ik in het algemeen aan een weblog stilte, maar na de vakantie was het snel weer ontzettend druk, vandaar dat het lange tijd stil is geweest op dit weblog. Dan volgt dan mijn eerste nieuwe bericht in het nieuwe jaar. Via Google alerts werd ik geattendeerd op een weblog voor de Franse taal: A la française … Op dit weblog trof ik een leuk filmpje aan over de Petit Prince. Het gaat uit van het normale boek, alleen wordt op een leuke manier het verhaal ‘levend’ gemaakt.

Le Petit Prince chapitre 1

[Bron: https://geudensherman.wordpress.com/2010/12/30/le-petit-prince/ ]

Advertenties

2 x 150 activités internet

Voor degenen die geïnteresseerd zijn in het gebruik van het internet om hun leerlingen te motiveren, zijn deze 2 boeken een aanrader. Er is een boek voor het “niveau débutant” en er is een boekje voor het “niveau intermédiaire”. De beide boeken worden vergezeld van een correctiemodel en bevatten 50 fiches, die ieder zijn onderverdeeld in 3 opdrachten.

Verslag Conferentie CPS: Leesvaardigheid MVT en het ERK

Gisteren heb ik met twee collega’s (Anne-Marie en Gerard) een conferentie van het CPS bijgewoond in Amersfoort, met als thema: ‘Leesvaardigheid MVT en het ERK’. Na een reis zonder al te veel problemen kwamen we iets te vroeg aan, maar dat had tenminste als voordeel dat alle plaatsen nog vrij waren. Na een korte opening door de dagvoorzitter Judith Richters, kwam professor Gerard Westhoff aan het woord over leesvaardigheid en het Europees Referentiekader. Hij legde kort uit wat het ERK is en dat er voor verschillende beroepen verschillende profielen kunnen worden opgesteld (aan een baliemedewerker worden andere eisen gesteld dan aan een secretaresse.) De kern van zijn betoog kwam op het volgende neer:

Meten en mesten zijn twee verschillende dingen.

Een zonnebloem wordt niet groter doordat hij elke dag gemeten wordt.

Hij doelt daarmee op de toetscultuur die op veel scholen heerst. Hij merkte op dat toetsen absoluut noodzakelijk is, maar dat een zonnebloem mest nodig heeft in de vorm van: vocabulaire (dit hoeft niet per se in zinsverband geleerd te worden blijkt uit onderzoek.), kennis over hoe een tekst in elkaar zit, kilometers maken en kennis bewust inzetten (strategiegebruik). Dit is iets om ook in mijn eigen lesgeven bij stil te staan. Hij wees erop dat kilometers maken erg belangrijk is en hij maakte daarbij de vergelijking met de Puy de Dôme die door leerlingen beklommen moet worden. De beste weg is door de weg rondom de berg te volgen en zo geleidelijk aan de berg te beklimmen. Docenten hebben nogal eens de neiging om tegen leerlingen te zeggen: “Fiets op de rug en in één keer omhoog klimmen.”

Vervolgens kwamen Noud van Zuylen en Yvette Golstein van het Cito aan het woord, maar bij deze presentatie kwam voor mij niet veel nieuws aan bod.

Na een korte koffiepauze heb ik de presentatie bijgewoond van Maartje Visser en Trees Haaksma van het CPS met als onderwerp: “Leerlijn leesvaardigheid en leesstrategieën”. Dit was een zeer interessante bijeenkomst. Zij liet onder meer zien dat lezen een actief proces is waarin een lezer betekenis verleent aan tekst door kennis erop toe te passen. Dit kan zijn taalkennis (van woord- naar zins- naar tekstbegrip) of niet-talige kennis (kennis van de wereld). Niet-talige kennis kunnen leerlingen onder andere opdoen door bijvoorbeeld naar het journaal te kijken of door een krant te lezen. Eigenlijk vindt telkens hetzelfde proces plaats: taalkennis en niet-taalkennis activeren – verwachting – voorspelling doen – voorspelling eventueel bijstellen. Bij lezen moet de nadruk liggen op een drietal zaken:

1. Woordkennis: hoe meer woorden je kent hoe beter het leerresultaat.
2. Leeskilometers maken: veel lezen. (beter veel korte tekstjes dan één lange.)
3. Strategieëntraining

Een interessant feit dat ze noemde is dat woorden leren door lezen alleen werkt als 95% van de woorden al bekend is. Dit liet ze zien door telkens een tekst aan te bieden met een bepaald percentage ontbrekende woorden. Een ander opmerkelijk feit: het leren van woordjes is zinsverband is niet beter dan het leren van losse woordjes, blijkt uit onderzoek.

Na de lunch vond tenslotte de laatste workshopronde plaats. Deze workshop werd gegeven voor Carel van den Burg van het CPS en deze droeg als titel: “Examentraining (verschillende activerende werkvormen bij intensief lezen)”.

Er werden groepjes gemaakt van 4 docenten. De bedoeling was dat docenten die dezelfde taal geven bij elkaar gingen zitten. Er waren docenten Frans, Duits en Engels. De docenten moesten zich eerst even aan elkaar voorstellen. Daarna moesten zij aangeven hoe zij leesvaardigheid aanpakken in hun les en hiervan moest na zo’n 20 minuten verslag worden uitgebracht. Daarbij moesten dan zaken die voor iedereen interessant kunnen zijn eruit gelicht worden. Ik wil er één werkvorm even uitlichten. Een mevrouw vertelde dat ze bij een eindexamen met meerkeuzevragen de antwoorden weghaalde en dat zij dan de leerlingen antwoorden liet bedenken op de vragen. Nadat de leerlingen deze antwoorden in groepjes hadden bedacht konden deze worden vergeleken met de ‘oorspronkelijke’ antwoorden en dan kon alsnog een keuze worden gemaakt. Het mooie van deze werkvorm is dat deze ook bij bijvoorbeeld luistervaardigheid kan worden toegepast, daarom licht ik deze er even uit.

Een aantal dingen die Carel opvallen bij Examen ‘training’ zijn:

  • Het is meestal gericht op het CSE
  • Het begint enkele weken / maanden voor het CSE
  • Alle examenvakken starten er ongeveer gelijk mee
  • Het bestaat uit het individueel maken van examen van vorig jaar
  • Het wordt klassikaal besproken of nagekeken met nakijkbladen
  • Het is voor leerlingen die goed zijn in het vak vaak een ‘crime’
  • Het is voor leerlingen die slecht zijn in het vak telkens een bevestiging hiervan
  • Iedereen moet tegelijk hetzelfde kunstje doen

Als ik die punten zo bekijk, moet ik zeggen dat ik me hier wel in kan vinden en dat ik zelf ook zoekende ben naar meer activerende werkvormen. Gelukkig kwamen deze in deze workshop ruimschoots aan bod.

Vervolgens moesten de docenten aan een examen werken. Belangrijk was dat zij niet een examen namen van het eigen vak, maar van een andere taal. Dit was vooral bedoeld om te voelen wat een leerling voelt, wanneer hij met een vreemde taal bezig is. Ook het niveau was pittig: het was namelijk het eindexamen Engels (Duits of Frans) VWO van 2009. Telkens kwam bij een tekst een activerende werkvorm aan bod. Ik licht er even één werkvorm uit:

Tekst 1
Duo’s Tijd: maximaal [5′]

  1. Iedere leerling maakt individueel de vragen bij tekst 1;
  2. Vergelijk daarna je antwoorden met een leerling uit je team (een andere groep, rij met hezelfde examen);
  3. Kom bij verschillen tot een overeenstemming;
  4. Wanneer jullie het niet eens worden of het gewoon niet weten
  • a) vraag dan bij leerlingen die het wel weten om uitleg
    of
  • b) draag deze voor om klassikaal te bespreken

Bij de instructie zijn een aantal zaken belangrijk:

  1. Wat moet de leerling doen?
  2. Hoe moet de leerling het doen?
  3. Hoe lang heeft de leerling de tijd?
  4. Welke hulp kan de leerling krijgen?
  5. Wat wordt er gedaan met de opbrengst/beoordelingscriteria?
  6. Wat moet de leerling doen wanneer het werk af is?

Er kwamen in totaal 8 activerende werkvormen aan bod. Ik vond het een heel inspirerende workshop en al met al een zeer geslaagde dag.

Carel heeft ook een boek geschreven over activerende werkvormen: Basisboek activerende didactiek en samenwerkend leren. Het is te bestellen bij het CPS, maar ook bij bol.com. Activerende didactiek en samenwerkend leren (ADSL) is een verzamelnaam voor werkvormen waarbij leerlingen (en docenten en schoolleiders) op een gevarieerde en actieve manier werken en leren. Ik wil meer
van deze werkvormen gaan gebruiken, want ik moet eerlijk toegeven dat ik leerlingen niet zo vaak in groepjes laat werken, behalve dan bij spreekvaardigheid. Ik ga dit doen in combinatie met Mouse Mischief, waarover ik zeer binnenkort zal berichten, omdat ik nu mijn 10 draadloze muizen uit Hong Kong binnen heb 😉

Sartreproject: les jeux sont faits

Na het bezoek van Molière in 2008 en Voltaire in 2009, hebben wij dit jaar het genoegen Sartre te mogen ontvangen in het kader van het Pegasustheaterproject. Dit project wordt voor het derde achtereenvolgende jaar georganiseerd door de werkgroep Frans van het Pegasusproject (zelfstandige gymnasia) in samenwerking met Fabrice Dubusset, Marjolaine Pierré en Mathieu Dion van het Procédé Zèbre in Vichy.
Leerlingen van de deelnemende scholen hebben in een november kennis gemaakt met de Fransen. In het ochtendgedeelte ontdekten zij in het Frans het leven en werk van Sartre en in het middaggedeelte kregen zij een Franstalige theaterworkshop.

Na een repetitieperiode onder begeleiding van de eigen docent treffen de leerlingen de Fransen voor de tweede maal op hun eigen school. Ditmaal repeteren zij een hele dag met de Fransen om aan het eind van de dag samen met de acteur Mathieu Dion het stuk “ Les jeux sont faits”  op te kunnen voeren!

Wij hopen u te mogen begroten bij één van de voorstellingen op de 10 deelnemende scholen.

Werkgroep Frans Pegasusproject, Wilhelmine Raffin et Elise Bouman

Information sur le projet ou sur les réservations : http://www.maisondescartes.nl of e.bouman#gymnasiumleiden.nl

Les spectacles – de voorstellingen

Lundi le 15 mars – 19h30 Gymnasium Camphusianum Gorinchem

Mardi le 16 mars – 19h30 Stedelijk Gymnasium Leiden – Socrates

Mercredi le 17 mars– 17h30 RSG Pantarijn –MHV locatie Wageningen

Jeudi le 18 mars – 19h30 Gymnasium Haganum Den Haag

Vendredi le 19 mars – 16h30 Gemeentelijk Gymnasium Hilversum

Lundi le 22 mars – 19h30 Stedelijk Gymnasium Schiedam

Mardi le 23 mars – 19h30 Titus Brandsma Lyceum Oss

Mercredi le 24 mars – 19h30 Isendoorn College Warnsveld

Jeudi le 25 mars – 17h30 Christelijk Gymnasium Utrecht

Vendredi le 26 mars – 19h30 Stedelijk Gymnasium Nijmegen

 

Molière: L'avare

Vandaag heb ik in VWO5 een fragment uit l’Avare behandeld, een karakter-komedie van Molière, waarin de karaktertrek gierigheid een hoofdrol speelt. Na de les hoorde ik van mijn collega dat ze een fragment op YouTube had gevonden. Toen ik het zag herkende ik het weer: het is de uitvoering van l’Avare door Louis de Funès. Hoewel dit de meeste leerlingen niets zegt is het fragment de moeite waard. Het is het moment waarop Harpagon erachter komt dat zijn geld is gestolen. Harpagon, de hoofdpersoon is zelfs een zelfstandig naamwoord geworden en is terug te vinden in Le Petit Robert: “Homme d’une grande avarice.”

L’avare De MOLIERE (AU VOLEUR)

Site: Il était une histoire …

Alle sprookjes beginnen in het Frans met “il était une fois …” Op deze site vind je kinderverhalen om te lezen, te beluisteren en om te bekijken. Verder vind je er animaties en karaoké uitgaven en allerlei spelletjes. Wil je van meer mogelijkheden gebruik maken, zoals het bekijken van de animaties, dan zul je even (gratis) account  moeten aanmaken. Dit kan door helemaal bovenaan in het midden op “se connecter” te klikken. Bovendien heb je na inloggen toegang tot de “fiches pédagogiques” van de site. Het geheel ziet er keurig verzorgd uit.

Poëzie in beweging bestaat 5 jaar

Op de site van Poëzie in beweging staan leuke opdrachten bij gedichten in verschillende talen, waaronder Frans.

Van het forum van Digischool:

Twee vrouwen en een poëziesite
In mei 2008 vieren wij het vijfjarig bestaan van onze website http://www.poezie-in-beweging.nl .

We plaatsten deze educatieve poëziesite in mei 2003 voor het eerst op het web en vielen tot onze verrassing en vreugde meteen dat jaar al in de prijzen (3x) bij Thinkquest, de jaarlijkse websitewedstrijd. Vijf jaar later trekt de website 180.000 unieke bezoekers per jaar, gemiddeld 500 unieke bezoekers per dag. Geen geringe prestatie voor een poëziesite!

Onze opzet is door middel van onderdelen als ‘spelen met gedichten’, ‘gedichten met opdrachten’ en ‘gedichten in beweging’ (letterlijk!) gedichten in Duits, Engels en Frans zo aantrekkelijk en laagdrempelig mogelijk aan te bieden en ze zo toegankelijk te maken voor een zo breed mogelijk publiek.

Bovendien bieden wij de aspirant dichter de mogelijkheid tot webpublicatie bij het zeer populaire onderdeel ‘Maak een eigen gedicht’ . Dit onderdeel bevat stappenplannen voor ruim dertig dichtvormen!

We willen de site in beweging blijven houden door de continue toevoer van nieuw materiaal: regelmatig verschijnt er een nieuw thema in het archief en voegen we een nieuw onderdeel toe, zoals laatst (onlangs) voor docenten het onderdeel “Lesplan”.

De site wordt vormgegeven en van inhoud voorzien door ons, Hadelinde van der Hoek (docente Duits) en Margreet Feenstra (docente Engels).

“Hadelinde van der Hoek en Margreet Feenstra zijn de kartrekkers van de met afstand beste site over poëzie voor leerlingen en docenten in het moderne vreemde talen onderwijs: Poëzie in beweging. Je leest het goed, “PIB” is dus ook een vakoverstijgende website, dus vind je gedichten in het Duits, Engels en Frans. “(Uit: E-POST Nr. 115-10.10.2007, nieuwsbrief van de community Duits, geschreven door Paul Goossen, redacteur vaklokaal Duits en community Duits)